De Utrechttoer

 

Het is wel wat veranderd, Motel Maarsbergen, sinds ik daar als jonge gast ’s nachts in het chauffeurscafé gewerkt heb. Elke ochtend als ik klaar was met werken weer afvragen of mijn motor, een “gepimpte” Kawa 900, het weer zou doen. Het was dan misschien wel de snelste motor van het dorp maar stiekem had ik toch wel spijt dat ik de betrouwbare Honda 350Four waarmee ik even daarvoor mijn rijbewijs had gehaald had verkocht.

Nu, in 2006, sta ik daar weer. Maar nu met mijn uiterst betrouwbare FJR te wachten op andere clubgenoten. Net als bij de Gelderlandtoer in Beek, waar ik samen met Chris, mijn vriend en buurman, als eerste aankwam, ben ik ook nu de eerste, en ik beloof mezelf dat dit geen gewoonte gaat worden. Omdat de koffie nog niet geschonken kan worden eet ik eerst maar het broodje kaas dat ik van Marga heb meegekregen als de eerste twee clubgenoten uit het zuiden van het land aankomen. En al vrij snel daarna loopt de parkeerplaats vol met glimmende motoren. De één omdat deze mooi gepoetst is, de ander omdat hij onderweg een regenbui heeft gehad.
 

Hoewel ik mij de vorige avond pas om 23.30 uur via het forum had aangemeld stond ik
“The morning after” netjes handgeschreven op het formulier bij Adrie en had ik zelfs al de route op papier en voor mijn “Carmen” ontvangen.
Nadat een korte maar fikse hoosbui Martin –zwarte panter – en mij van het terras had verjaagd hebben we in “petit comité” in de serre een groepje gevormd en zijn al ras vertrokken.
 

Langs het Leersumse veld startte de rit richting Overberg om via de Amerongse berg naar de rijndijk te gaan.
Halverwege de Amerongse berg troffen we nog Marco Boogers aan die net even stond uit te puffen toen wij passeerden. Hoewel wij allemaal nog voor het vertrek de sanitaire voorzieningen van het Motel hadden bezocht was het bord langs de weg met de tekst:
“BIJ REGEN; PLASSEN OP DE RIJBAAN” erg uitnodigend.

 

Vlak voor Dorestad sloot onze groep zich aan bij een ander FJR-Clubje maar deze besloten bij de Beatrixsluizen de route te volgen en wij volgden ons verstand, ehh Noppies verstand. Zodoende konden wij op de Lekdijk even zwaaien naar thuis, het Wassenaar van de Betuwe, Beusichem. Maar tijd voor treuzelen  is er niet als Norbert voorrijdt, dus gingen we via de Goyse brug naar Werkhoven om
langs Kasteel Sterkenburg,  Langbroek op te zoeken.
Omdat Norbert liever niet over onverharde wegen rijdt (hij heeft iets met banden) mocht ik voorop rijden richting Leersum. Maar een echt succes was dat niet aangezien mijn GPS nog voor Darthuizen zichzelf in Nigeria en Libië waande. Spontaan kreeg ik les over Garmin, herberekenen en weer kopiëren of zoiets. Dus Noppie leidde ons weer over de Utrechtse heuvelrug waar we even voorbij de Pyramide van Austerlitz, ter hoogte van het KNVB een hoosbui op onze helmen te verwerken kregen. Of dat een voorteken voor het Nederlands voetbal betekent weten wij niet.

 

Gelukkig was het slechte weer bij Lage Vuursche voorbij zodat we voor een kopje koffie stopte bij één van
de restaurants. Uit voorzorg stelde Sonja voor degene met luifel te nemen. Of dat zo’n succes was weet ik niet. Toen de koffie bijna klaar was vroeg de ober hoe het smaakte en of wij dachten dat het echt koffie was. Spoorslags vertrokken wij.

 

Door de Loosdrechtse plassen, waar de donkere wolken inmiddels waren verdrongen door prachtige witte exemplaren omzoomd door helder blauwe luchten, kwamen wij in het knusse Breukelen aan waar we onze motoren voor de plaatselijke boekhandel parkeerden om een nabijgelegen terras te bezoeken. Het duurde, en het duurde. Gelukkig kon je toiletteren op een podium en was het tweede drankje gratis anders zou je reden tot klagen hebben. Maar het geduld werd beloond met een heerlijke omelet. Waardoor we met een prettig gevulde maag weer over het Zandpad langs de Vecht verder konden richting Nieuwersluis en Hilversum. Na een korte “transfer” over de A1 troffen wij onszelf opeens in de polder bij Eemnes. Nog voor Spakenburg passeerde Adrie ons om snel vóór ons aan te komen op het eindpunt. Gelukkig waren wij daar nog niet omdat de mooie route eerst nog door de weidsheid van de polder voor Nijkerk liet rijden en daarna door de bossen bij Putten.

                                

Hier waren wij getuigen van de paardenfluisteraar Noppie. Wat hij het paard ingefluisterd heeft weten wij niet maar de rest van ons groepje, bestaande uit Martin, Martin, Martin en zijn dochter, J. Hannink (Jan ? ik weet zijn voornaam niet) en mijzelf, Gerard, wij hielden verstandig afstand van dat steigerende paard. Norbert was bijna de enige die een FJR heeft met 144,5 PK. Gelukkig hebben wij via Zwartebroek en Terschuur toch netjes Achterveld bereikt. Nostalgie en prettige herinneringen kwamen boven bij het passeren van de Klaveet, in mijn jeugd de boeren disco van de omgeving.

Zo kwamen wij heelhuids aan in Renswoude en vonden het altijd gezellige restaurant “De Dennen”.
Het was een prettige besteding van de zondag waarbij M@rtin zijn nieuwe motor nog te koop zag staan als zomerrestant voor slechts 19,95 en de worstenkoffer duidelijk gebruikt was. Slechts één flinke bui op een verder zonnige dag.

 

Dank aan de organisatie, Mark en Adrie.                                                                                               
                                                                           FJR-Club

                                                                                                                  terug naar boven