Tweede Week 12 t/m 19-07
Vandaag kennis
gemaakt met de nieuwe groep. Eric, bioloog maar nu
IT-man, Mariska onderwijzeres Nederlands aan
immigranten, Wim de fietser en ontwerper van apparatuur,
en Elly de schrijfster.
Het is weinig zinvol om deze tweede week een beschrijving mee te geven want de ochtendsessies kennen dezelfde opzet als in de eerste week. Wel is het aardig de opeenvolgende talleres te benoemen en een korte beschrijving te geven.
Donderdag
12-07: Deze eerste is een lange wandeling naar een
zeer fraaie plek in de bergen, Viados.
We stappen om
16.00 in een bus en worden ergens bij een watervalletje
afgezet om lopend onze weg te vervolgen. Alberto is
opnieuw de gids. Een aardig gebeuren is de oversteek van
de rivier van steen tot steen waarbij de sprong naar de
andere oever nog link is. Als iedereen aan de overkant
is geraakt, blijkt er 150 meter verderop een brug te
zijn, een aardig detail.


Een voor een help
ik iedereen een handje want ik was er als eerste
overheen. Op de terugweg neem ik regelmatig
een grote
voorsprong om van de geweldige stilte te genieten die je
hier omringt. Omlaag is geen probleem voor mij in
tegenstelling tot de steile stukjes klimwerk. Dan moet
ik gehoorzamen aan de rikketik
en laat ik iedereen maar gaan.

Op vrijdag de
13de ben ik de klos bij Elena want ik moet
aan het weefgetouw.
Dat vinden de mannen blijkbaar niet
erg want alleen Mariska
vergezelt de vier heren. In feite was het van oudsher
ook mannenwerk. Het is een geanimeerde middag mede
dankzij Elena.
Omdat wij ons werk niet echt af konden
maken, mogen wij dinsdag nog even een eindsprint
inzetten wanneer anderen het museum gaan bezoeken.
Zaterdag de 14de
is er een taller de canto onder
leiding van Roberto. Zingen is niet mijn
stiel en ik h
ou dan ook
gewoon mijn mond. Ik kan geen maat houden, zing vals en
val van het ene octaaf in het andere. Roberto heeft een
aantal oude blaasinstrumenten meegenomen die hier
oorspronkelijk gebruikt werden.
Hij maakt samen met zijn
vrouw Elena deel uit van een muziekgroep die de
oorspronkelijke muziek uit deze streek vertolken. Zij
treden met dit kleine orkest op in heel Europa. De naam?
Orquestina del Fabirol. Ook nu is er goede
interactie tussen Roberto en
ons en zijdelings komen we nog te spreken over Sinatra
en Nat King Cole. Volgens Roberto zou Sinatra ooit iets
in het Spaans op de plaat hebben gezet.
Ik blijf zoeken!!
Zondag de 15de
is er weer een rustdag die geen
rustdag is voor mij. Via Maria heb ik kunnen regelen dat
ik met Ernesto, haar jongste zoon, met de jeep mee kan
naar hun kudde schapen die halverwege de Posets -
Maladeta staat. Ruim 1000 ovejas die geen geluid maken
en lijdzaam wachten tot Ernesto er is.
Eerst verzorgt
hij de hond en laat dan de kudde door de corral lopen om
te zien of er dode of zieke schapen zijn.
Dan maakt hij
aan een kant het hek los en langzaamaan verlaten de
dieren de omheining. In een mum
van tijd verdwijnen zij in de verte omhoog. Het lijkt
wel of zij langzaam oplossen in het landschap. Zelf ga
ik lopend naar beneden terug naar San Juan. Al kijkend,
genietend en fotograferend daal ik af. De warmte (het
zou 32 graden worden) maakt zelfs het lopen naar beneden
moeilijk. Uiteindelijk zal ik er ruim vijf uur over
doen. Onderweg maak ik nog een sidestep naar de Ermita
de Mamés. Een plaats waar ooit een kluizenaar vertoefde
die nu nog jaarlijks wordt herdacht. Het is een kleine
verzameling huisjes die nu merendeels dienst doen als
voorraadschuur voor de boeren. Op zich stelt het niet zo
veel voor. Maar okay het is er nu
eenmaal. Ik ontmoet daar een jong stel uit Bilbao
en een gesprek is gauw aangeknoopt. Weer een kans om je
Spaans wat aan te punten. Ik eet en drink wat,
want ik moet nog een flink eind. Ik bereik San Juan via
de slechtste route die ik kon vinden.
Smal,
overschaduwd (dat wel), steil
en heel veel losse keien. Elke stap moet ik goed kijken
waar ik mijn platbodems neerzet. Mijn voeten doen erg
zeer en ik vermoed wel wat blaren, mijn enkels, kuiten,
knieën en dijen zijn eveneens pijnlijk. Zo te voelen ben
ik toe aan nieuwe schokbrekers en nieuwe veren. De pijn
stijgt op tot halverwege mijn rug. Ik heb niet de moed
om naar boven te klimmen naar Sanches en ik loop de
asfaltweg naar Plan af.
Foute beslissing want de hitte
die van de weg af komt,
droogt behoorlijk uit. Uiteindelijk zet ik mijn verstand
op nul, stop de pijn en ga over op marinierstempo,
gewoon doorbeuken dus.
Tegen het einde moet ik toch nog
een stukkie steil omhoog om bij het bier te komen.
Heftig. Maar drie grote bieren zijn mijn deel. Ik bestel
er meteen twee tegelijk waarvan de eerste binnen twee
minuten "verdampt" is. Daarna vergrijp ik mij aan een
heerlijke champignonsoep met
brood en besluit met een flink glas water met citroen.
Ik heb heel brutaal mijn voeten ontbloot op het terras
en die blijken ongeschonden. Leve de Meindels. Maar dan
moet ik nog een stukkie terug en omhoog naar het hoge
deel van San Juan waar mijn habitacion zich bevindt. Een
marinierstempo zit er niet meer in en ik bevecht meter
voor meter de afstand. Máááár… het was een mooie dag die
veel aardige macro-opnames opleverde.
Maandag de 16de
doe ik samen met vier anderen de
taller de cocina in de keuken van Casa Anita. Jesús is
een goede kok met een lastig gebrek aan zijn stem. Hij
kan alleen geforceerd fluisterend spreken. Maar door
zeer aandachtig te luisteren lukt het allemaal goed. We
maken een Fritada en een witte chocolade mousse.
Het
snijden van uien, aardappelen en knoflook komt bij
iedereen voorbij.
Aan één kant van de keuken bij de
spoelbakken is er een magnifiek gezicht op de bergen.
Wat een werkplek! Een hele
leuke taller, maar omdat ikzelf vrij veel Zuid Europees
kook, leer ik niets nieuws maar dat was ook niet de
opzet. Werken onder het regime van de Spaanse taal en
dat lukte goed. Als kok slaag ik bij Jesús want hij ziet
meteen dat ik wel een uitje kan snijden én ik kan hem
uit het hoofd de samenstelling van groene pesto geven.
Dinsdag de 17de
is de laatste cursusdag en het laat
zich raden dat er een feestelijk eindje komt. Dat feestje is in
Casa la Plaza en allen die hebben deelgenomen aan de
cursus en allen die hebben meegeholpen in de talleres
zijn aanwezig. Daarbij ook allen die ons onderdak hebben
verschaft in de appartementen en habitaciones.
Marjanne
had een spel waarbij een grote kaart van Nederland met
daarop genummerd de woonplaatsen van de cursisten. Via
het werpen van een teerling werd bepaald wie kort (moest
ik tóch weer gecorrigeerd worden )
iets over zijn stad of dorp mocht vertellen. Een soort
mini-minicharla zeg maar.
Daarna werd de tafel vol gezet met schotels salade,
tapas, brood en een soort Sangría. Daarbij ontbraken de
tortilla’s ook niet. Het werd een leuke avond waarbij
ook werd gezongen. Roberto en Elena waren de muzikanten.
Roberto met een viool en Elena met een tamboerijn. Enige
Spaanse liedjes van dit dal werden door de Spanjaarden
gezongen en, zoiets kan niet uitblijven, Roberto zette
het wereldberoemde “Aan de Amsterdamse Grachten in”. Het
Kleine Café aan de haven ontbrak ook niet. En ach,
Dikkertje Dap dan ook maar.
Tenslotte werd er afscheid genomen van alles en
iedereen.


Woensdag de 18de:
Ieder van de cursisten had zo nog zijn of haar plannen.
Drie gingen gezamenlijk nog een dag of drie te voet de
bergen in. Marjanne zou naar Toledo reizen om een
optreden van Roberto met het Orquestina del Fabirol te
kunnen zien. De anderen hadden ook hun plannen en Jan
had al in zijn hoofd om wanneer het weer niet mee zou
zitten linéa recta naar huis te rijden.
Gastvrouw Maria Ferrer
Dat zou ook
gebeuren. Nadat ik om ongeveer 12 uur uit San Juan
vertrok, reed ik in mooi weer de tunnel van Bielsa in om
er aan de andere kant in de mist (lees laaghangende
wolk) weer uit te komen. Redelijk fris kon ik aan een
moeizame afdaling beginnen tot ik uit de wolken raakte.
De navigator gebruikend, koos ik voor een route ietsje
ten noorden van de grote reuzen de Aspin en de
Tourmalet. Een stel Duitse motards die toch naar die
grote jongens afsloegen, zwaaide ik na en wenste hen in
mezelf sterkte. Kleine weggetjes rijdend helemaal door
het binnenste van binnendoor zocht ik mijn weg naar het
westelijk deel. Intussen bleef de bewolking laag en
later in de middag besloot ik door te rijden naar
Parentis en Born in Les Landes. Hier hebben wij vaak
gekampeerd en er is ook een aardig hotel voor een luie
nacht. Even geen tent meer opzetten leek mij heerlijk.
Donderdag de
19de: De nacht bracht regen en onweer
maar `s morgens was het droog hoewel flink bewolkt.
Wat
ik al had besloten, deed ik ook. Na het ontbijt zette ik
de FJR op de weg naar huis. Vertrek om 09.15 en aankomst
in warm en zonnig weer om 20.00 uur. Niet gek voor een
donderdag.
Conclusie:
Zo kwam er een einde aan een leuke, nuttige vakantie in een
schitterende omgeving met ook nog eens prachtig weer.
Leuk, vanwege het verblijf in dit fraaie dorp en
het min of meer samenleven met de bewoners. Vooral met
iemand als Alfredo voelde het een beetje als logeren bij
familie. Door de ongedwongen sfeer en de hartelijkheid
van deze mensen.
Nuttig, omdat mijn Spaans er
enorm door is verbeterd, vooral in het spreken. Bij de
conversatielessen in Utrecht én de zelfstudie thuis had
ik al redelijk wat opgehaald van de grammatica, maar
mijn spreekvaardigheid vond ik zelf
allerbelabberdst. In maart was ik al in de buurt van
Malaga,
VillaFranco
de Guadalhorce, bij mijn broer en daar stond ik soms
letterlijk met mijn mond vol tanden.
Meteen al de eerste dag in San Juan was ik maar zo
brutaal om tussen de mensen vóór de tienda te gaan
zitten en mij voor te stellen met de simpele opmerking:
"Hola, que tal? Soy Jan de Holanda y estoy aqui para
aprender Español", of woorden van gelijke strekking. En
eigenlijk verliep dat die eerste dag toch erg moeizaam,
maar elke dag was er wel verbetering en al na een paar
dagen verliepen die gesprekjes steeds gemakkelijker.
Zelf realiseerde ik mij dat niet zo want ik "struikel"
zelf eerder over wat ik fout doe dan dat ik mezelf een
schouderklopje geef om wat ik dan goed doe.
Ook het verstaan van de mensen die je ontmoet, is sterk
verbeterd. Een van de laatste avonden zat ik op de
binnenplaats van Casa la Plaza met drie mannen te
praten. De een kwam uit Bilbao en was transporteur, de
tweede was leraar geschiedenis en de derde hield het wat
schimmig maar ik vermoedde een arts.
En dan blijkt pas hoe je je hebt kunnen verbeteren, want
meer dan een uur hebben we over verschillende
onderwerpen gesproken en dat waren geen koetjes en
kalfjes. Waar ik iets niet verstond of begreep, deden
zij ook moeite om te helpen omdat men het zeer waardeert
dat je hun taal wilt leren.
Juist dit soort waardering van Spanjaarden zelf gaf mij
het gevoel dat het goed gaat en heeft mij ertoe gebracht
in september verder te gaan. En mogelijkerwijs zit er
volgend jaar dan een hernieuwde kennismaking in met San
Juan de Plan en de bewoners. Daar ga ik voor!!
Met
veel dank aan
Marjanne Haitsma…van
ConTacto Spaans............……………....Jan Motorratón.
San Juan de Plan Juli 2007